“Als ge d’r mar nie van op vakantie gut!” Dat was wat mijn opa zei tegen mijn moeder, terwijl hij haar een envelop gaf. Ik was nog geen tien jaar, maar die woorden zijn me altijd bijgebleven. Voor mijn opa leek vakantie vooral een luxe, iets wat je eigenlijk niet écht nodig had. Die opmerking gaf me als kind het gevoel dat vakantie iets ‘onnodigs’ of zelfs ‘overbodigs’ was.
Nu, jaren later, weet ik hoe waardevol het is. Vakantie betekent niet ‘nietsdoen’ of ‘ontsnappen’. Het betekent afstand nemen, jezelf ontmoeten, helderheid vinden, en nieuwe energie opdoen. Juist in veranderprocessen is dat essentieel. Want hoe makkelijk kun je ingezogen worden in de hectiek? De dynamiek, de patronen, de weerstand—het kan je opslokken, en ineens wordt het lastig om hoofd- en bijzaken nog van elkaar te onderscheiden.
Mijn ervaring? Na vakantie zie ik alles helderder. De complexe vraagstukken zijn ineens overzichtelijk, de inzichten komen als vanzelf en de energie is weer terug. Dat maakt mij niet alleen een vrolijker mens, leuker voor mijn naasten 😜 en ook een effectievere veranderaar.
Wat brengt vakantie jou op werkgebied?
Groet Dion